Wat is open-ended speelgoed?

Open-ended speelgoed is speelgoed zonder vaste bedoeling. Er is geen goede manier om het te gebruiken en geen moment waarop het af is, dus het kind bepaalt wat het wordt.

Waaraan herken je het?

  • Er zit geen handleiding bij, of hooguit een paar suggesties
  • Het kan niet stuk in de zin van fout gebruikt worden
  • Het werkt op meerdere leeftijden, alleen op een andere manier
  • Er zitten geen batterijen, geluiden of lampjes in die de aandacht sturen

De term wordt in Nederland niet vertaald, dus je komt hem tegen als open-ended speelgoed of open-ended toys.

Waarom werkt het?

Omdat het kind de beslissingen neemt in plaats van het speelgoed. Wat maak ik, wat als het omvalt, hoe moeilijk maak ik het voor mezelf.

Daardoor past de uitdaging bijna altijd bij wat een kind aankan, en dat is precies de reden dat het niet snel verveelt. Meer daarover in waarom vrij spel belangrijk is.

Wat valt eronder?

Blokken, magnetische bouwstenen, stapelstenen, een balansbord, lappen stof, zand en water. Een grote kartonnen doos hoort er net zo goed bij.

Het volledige overzicht met wat elk type doet staat in populaire soorten open-ended speelgoed.

Waar komt het idee vandaan?

Het denken erachter is ouder dan de term. Montessori, Waldorf en Reggio Emilia gaan er alle drie van uit dat een kind leert door zelf te doen in plaats van door voorgedaan te krijgen.

In 1971 schreef architect Simon Nicholson daar een stuk over dat nog steeds wordt aangehaald: hoe meer losse onderdelen een omgeving heeft, hoe meer een kind erin kan verzinnen. Die gedachte, loose parts, zit onder vrijwel al het open speelgoed dat je nu koopt.

Hoeveel heb je ervan nodig?

Minder dan je zou denken. Te veel keuze leidt bij dit type speelgoed tot korter spelen, omdat een kind blijft wisselen in plaats van iets uit te bouwen.

Wat beter werkt is een deel wegleggen en het weken later terughalen. Dan is het weer nieuw zonder dat je iets koopt.

Vanaf welke leeftijd?

Vanaf het moment dat een kind dingen vastpakt. Wat verandert is niet of het werkt, maar wat een kind ermee doet.

Een baby stopt een blok in de mond, een peuter stapelt er twee en een kleuter bouwt er een stad mee. Hetzelfde speelgoed, drie fases.

Is het duurder?

Per stuk vaak wel. Per jaar meestal niet, omdat het langer meegaat en over meerdere leeftijden bruikbaar blijft.

Die rekensom staat concreet uitgewerkt voor één merk in waarom Stapelstein zo duur is.

Moet al het speelgoed dan open zijn?

Nee. Een puzzel, een gezelschapsspel en een bouwpakket met instructies trainen andere dingen, zoals volhouden tot iets af is en een plan volgen.

Het gaat om de verhouding. Hoe die twee zich tot elkaar verhouden staat in open-ended tegenover traditioneel speelgoed.